In het Amsterdam van nu komt de strijd om de stad het meest tot uiting op de woningmarkt: voor veel studenten en starters is een betaalbare woning tegenwoordig onbereikbaar. ‘Steden worden vaak vergeleken met roltrappen’, vertelt Verlaan. ‘Je begint onderaan, als student, en gaandeweg bouw je een netwerk op, maak je vrienden, vind je je eerste baan. En dan ga je, aan het einde van de roltrap, de stad weer uit. Maar die roltrap is gestopt met draaien. Om de analogie van een collega te gebruiken: de stad is geen emancipatiemachine meer, het is een sorteermachine geworden. De mensen met geluk of rijke ouders kunnen hier wonen, anderen niet of nauwelijks.’
‘Dat hangt samen met de flexibilisering van de arbeids- en woningmarkt: veel mensen hebben niet meer de zekerheid van een vast contract of een woning met een onbepaalde huurperiode. En mede door beleid is er een enorme krapte op de woningmarkt. Steden zijn daardoor extreem ontoegankelijk geworden. Dat hangt samen met de flexibilisering van de arbeids- en woningmarkt: veel mensen hebben niet meer de zekerheid van een vast contract of een woning met een onbepaalde huurperiode. En mede door beleid is er een enorme krapte op de woningmarkt. Steden zijn daardoor extreem ontoegankelijk geworden.’